‘Sluit aan bij Europese koers voor veehouderij’
De Europese Commissie schetst een toekomst waarin de veehouderij verduurzaamt door innovatie, emissiereductie en mestverwaarding, zonder dat de omvang van de sector hoeft af te nemen. Die visie staat op gespannen voet met het Nederlandse stikstofbeleid. Marktdirecteur Lubbert van Dellen van Flynth ziet daarin een belangrijke boodschap voor Den Haag.
De veehouderijsector heeft te maken met het meest vergaande stikstofbeleid van de laatste zes kabinetten. Vlak nadat huidig landbouwminister Jaimi van Essen met zijn stikstofplan naar buiten kwam, komt de Europese Commissie met haar visie op de Europese veehouderij. Anders dan het Nederlandse kabinet kiest de EU voor verduurzaming met behoud van de omvang van de veehouderij in plaats van krimp en extensiveren. Marktdirecteur Lubbert van Dellen van Flynth ziet daarin een boodschap naar het huidige kabinet.
Wat betekent die koerswijziging volgens u voor Nederland?
“Brussel slaat een andere weg in. Voor het huidige kabinet wordt het steeds lastiger om zich met zijn beleid te verschuilen achter het Europese beleid. Brussel zegt: geen krimp, wel verduurzamen met techniek en innovaties. Dat zijn heel andere accenten dan in Nederland waar de nadruk ligt op minder emissies door minder dieren.”
Hoe ziet Brussel de toekomst van de veehouderij voor zich?
“De EU wil de veehouderij verduurzamen op het gebied van dierenwelzijn en stalemissies. Meer dierenwelzijn betekent in veel gevallen ook meer ruimte. Dit staat haaks op het verminderen van stalemissies. Daarom stelt de Europese Commissie voor om te kiezen voor brongerichte stalmaatregelen waarbij urine en vaste mest gescheiden worden. Door de inzet van deze meststromen als renure-meststoffen, nemen ook de veldemissies en het kunstmestgebruik af. Dat is meteen de tweede speerpunt van de Europese Commissie: met natuurlijke hulpbronnen de kunstmestgift verminderen.”
Het kabinet kijkt eerder naar links dan naar rechts om een meerderheid te behalen voor zijn stikstofplan. Dan blijft de nadruk liggen op een strikt beleid op minder dieren, extensiveren en opkoopregelingen in plaats van met technische investeringen en vergunningverlening de sector verduurzamen.
“Dat klopt, maar ik zie ook dat de minister zoekt naar een brede meerderheid van pakweg honderd zetels. JA21, ChristenUnie en SGP vragen de minister meer ruimte te geven op de componenten grondgebondenheid en toepassing van technische maatregelen. Op dit laatste heeft de minister nu al een geste gedaan richting boeren. Hiermee hoopt hij zowel links als rechts voor zijn stikstofplan te winnen. BBB ziet ook dat ze niet alles kunnen voorkomen. Caroline van der Plas kan de andere rechtse partijen helpen bij het binnenhalen van deze zaken.”
Welke technieken bieden volgens u in de kalverhouderij de meeste kansen?
“Je moet dan denken aan brongerichte stalmaatregelen met urinegoten en mechanische mestscheiding. Maar ook mestbewerken en mestvergisten zijn goede technieken die renure meststromen kunnen opleveren, naast compostering. In Nederland zijn we hierin al heel ver. De Europese Commissie verwijst ook naar ons als land dat daarmee goed bezig is. Het zou mooi zijn als dit kabinet er voor kan zorgen dat Nederland zijn rol als gidsland kan blijven behouden. Het gaat daarbij wel steeds om samenhang met verbetering van dierwelzijn en dat is niet altijd eenvoudig.”
'Was het maar de ecologische werkelijkheid waaraan we moeten voldoen'
Veel ondernemers willen investeren, maar geven aan dat onzeker beleid hen tegenhoudt. Hoe lossen we dit op?
“Dat is lastig. Op dit moment hebben we te maken met drie werkelijkheden: een ecologische, een juridische en een politieke werkelijkheid. Was het maar alleen de ecologische werkelijkheid. Sinds 2021 hebben we een stikstofwet die de nodige juridische zekerheid zou moet geven maar het juist heeft verslechterd. Verbetering gebeurt pas als de kritische depositiewaarde uit de wet is en een rekenkundige ondergrens is ingevoerd. De minister werkt hier nu aan. Daarnaast is er een politieke werkelijkheid die niet altijd gebaseerd is op feiten. Neem de zonering rondom natuurgebieden. Als je kijkt naar wetenschappelijk onderzoek kan ik me voorstellen dat je praat over een zonering van 250 meter. Over 250 tot 500 meter kun je discussiëren. Boven de 500 meter is het politiek wensdenken. Dit heeft niets meer met stikstofdepositie en natuurverbetering te maken. Maar we zijn wel afhankelijk van die politieke werkelijkheid.”
Als u vijf jaar vooruitkijkt, hoe ziet een toekomstbestendige veehouderij en kalverhouderij er dan uit?
“Als ik kijk naar de totale agrarische sector dan verwacht ik dat de pauzeknop eindelijk is opgeheven. Sinds 2019 staan we in de wachtstand. In de kalverhouderij zal meer gebruik worden gemaakt van technieken met dagontmesting en brongerichte maatregelen. Daarnaast zal de verwaarding van kalfsvlees meer in ketens en concepten plaatsvinden waarbij kalveren die meer ruwvoer krijgen, zoals rosékalveren en roodvlees, meer de wind in de rug hebben dan het blank vlees. Ook zullen we te maken hebben met meer ruimte per dier, eventueel met uitloop, en vloeren met een rubberen toplaag.”
De kostprijs zal daardoor flink toenemen.
“Die hogere kosten moeten in de keten opgelost worden. Met de keten bedoel ik tot en met de consument, inclusief terug naar overheid als de consument het niet wil betalen. Ik heb vertrouwen in de sector en de ondernemers. Zij kunnen omgaan met deze issues. We hebben meer last van het niet weten waar we aan toe zijn, dan van de gestelde doelen.”
De koers van de Europese Commissie past hierbij?
“Ik kan de koers van de commissie goed plaatsen vanuit het perspectief om de voedselzekerheid veilig te stellen. Ook wij in Nederland hebben een belangrijke rol in het produceren van voedsel voor de ons omringende landen zoals Duitsland, met het Ruhrgebied voorop, en België. De Nederlandse overheid kan eisen dat ons voedsel minder naar andere regio’s gaat, maar de EU wijst ook naar Nederland als gidsland om emissies te verminderen en te verduurzamen. Dan moet de veehouderij in ons land niet krimpen, want dan zijn we ook geen gidsland meer.”
Lubbert van Dellen (50)
Lubbert van Dellen is marktdirecteur agro en senior bedrijfsadviseur bij Flynth. Naast zijn functie bij Flynth is Van Dellen secretaris bij het Mesdag-Zuivelfonds.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland

