Kleine fouten, grote gevolgen
Residuen van niet gewenste stoffen ontstaan meestal niet door opzet, maar door verkeerd gebruik van toegelaten middelen of onvoldoende kennis van de regels. De gevolgen kunnen echter groot zijn. Tijdens de gezamenlijke ledenavonden van VVK en de LTO-vakgroep, die de afgelopen weken plaatsvonden, pleitte Sascha Idema (hoofd buitendienst SKV) voor extra zorgvuldigheid.
Stichting Kwaliteitsgarantie Vleeskalversector (SKV) speelt een belangrijke rol in het waarborgen van de kwaliteit en voedselveiligheid binnen de Nederlandse kalverhouderij. De organisatie houdt toezicht op de productie van kalfsvlees en zorgt ervoor dat kalverhouders, integraties en slachterijen zich houden aan de geldende regels en kwaliteitsnormen. Het doel van SKV is om via certificering te garanderen dat kalfsvlees op een verantwoorde manier wordt geproduceerd en dat consumenten kunnen vertrouwen op de veiligheid van het product.
Onderzoek in drie disciplines
Naast de standaardtaken van controle en certificering, voert SKV voor de sector onderzoek uit naar residuen. Grofweg is dit onderzoek onder te verdelen in drie disciplines: monitoring van kritische (verboden) stoffen, onderzoek naar residuen van antibiotica en monitoring van overige middelen. Dit laatste zijn middelen die wel zijn toegestaan, mits op de juiste manier toegepast. Denk hierbij aan stoffen als biociden, pesticiden, NSAID's, wormmiddelen en kalmeringsmiddelen.
SKV neemt op kalverbedrijven verschillende soorten monsters, zoals bloed-, urine-, haar, voer- of melkmonsters. Alle monsternames gebeuren steekproefsgewijs en voldoen ruim aan de eisen van het zelfcontroleprogramma dat brancheorganisatie SBK heeft afgestemd met de overheid. SKV voert dit programma onafhankelijk uit. Door jaarrond gestructureerd onderzoek uit te voeren op alle kalverbedrijven, wordt de voedselveiligheid van het kalfsvlees optimaal gecontroleerd.
Wanneer in de boerderijmonsters stoffen worden aangetoond die wel toegelaten zijn voor toepassing in de stal, maar niet aanwezig mogen zijn in het voer of het kalf of op basis van de medicijnleveringen niet verwacht wordt aan te treffen, wordt de kalverhouder en de eigenaar geïnformeerd. SKV start dan een onderzoek om de bron of de oorzaak te achterhalen. Afhankelijk van de gevonden stof of de bron worden vervolgacties genomen. Bij het aantreffen van residuen in boerderijmonsters is er vaak nog handelingsperspectief om dit op te lossen voordat de kalveren naar de slacht gaan.
Maximale residulimiet (MRL)
Wanneer SKV bij een bemonstering in de slachterij antibioticaresiduen aantoont, wordt eerst beoordeeld of het gevonden residu boven de toegestane limiet (MRL – maximale residulimiet) ligt. Bij een overschrijding van de MRL of wanneer SKV in een karkas stoffen aantreft die niet zijn toegelaten, heeft de organisatie direct een meldingsplicht aan de overheid. De constatering wordt dan gemeld aan de NVWA die als toezichthouder voor de overheid verdere (juridische) stappen kan nemen.
In eerste instantie zal de NVWA het karkas blokkeren voor verdere verwerking en een onderzoek instellen. Dit kan gepaard gaan met extra controles op het betrokken bedrijf en andere schakels in de keten. De maatregelen kunnen onder andere leiden tot het tijdelijk stilleggen van bedrijven, boetes en/of een last onder dwangsom, waarbij het bedrijf maatregelen moet nemen om herhaling te voorkomen.
Onder MRL maar geen verklaring
Als het residu in een slachthuismonster onder de MRL is, maar niet verklaard kan worden door correct gebruik, start SKV een vervolgprocedure. Ook dan wordt het betrokken kalverbedrijf geïnformeerd en kan er extra onderzoek plaatsvinden naar het gebruik en de registratie van diergeneesmiddelen op het bedrijf. In veel gevallen volgen aanvullende controles of extra bemonstering om te controleren of het om een eenmalige afwijking gaat of om een structureel probleem.
Ook kan met de informatie uit InfoKalf worden nagegaan of de wachttijd van het medicijn correct is nageleefd voordat de dieren naar de slacht gingen. Wanneer wordt vastgesteld dat de regels niet zijn gevolgd, kan SKV maatregelen of sancties opleggen binnen het kwaliteitssysteem, zoals verscherpt toezicht, extra controles of andere disciplinaire maatregelen.
Sascha Idema: “Controleer vóór gebruik van een biocide of pesticide altijd op de site van de CTGB of je dit middel nog mag toepassen”
Ongelukken zitten in klein hoekje
De meeste constateringen van onregelmatigheden gebeuren door ondeskundig gebruik, onoplettendheid of een gebrek aan actuele informatie. Ongelukken zitten in een klein hoekje, ervaart Sascha Idema, hoofd buitendienst van SKV. Ze heeft wel tips voor kalverhouders. Als het om diergeneesmiddelen gaat, moet er een REG-NL nummer op de verpakking staan. Vervolgens moet het middel toegepast worden zoals het etiket voorschrijft.
Voor het toepassen van biociden en pesticiden geldt: kijk op de site van de CTGB, het College voor de toelating van gewasbeschermingsmiddelen en biociden. Het kan zijn dat de toepassing van een middel door de jaren heen is veranderd of zelfs niet meer toegelaten is.
Bovendien is het belangrijk dat een middel wordt toegepast volgens het voorschrift en op een plaats waar het mag. “Er wordt vaak gedacht ‘het middel werkt, dus is het goed’. Maar kijk ook of je het middel op die specifieke plaats mag gebruiken.” Als voorbeeld geeft ze de toepassing van het ratten- en muizengif Racumin Foam waardoor in 2023 46 bedrijven tijdelijk werden stilgelegd. Het bleek dat dit product tegen plaagdieren door versleping bij de kalveren terecht kon komen. “Het gebruik is toegestaan maar door een onzorgvuldige toepassing kwam het bij de dieren terecht.”
Juridische consequenties
Idema wijst op de juridische consequenties van onzorgvuldig gebruik. De eigenaar van de kalveren blijft te allen tijde verantwoordelijk. Consequenties kunnen vergaand zijn en potentieel leiden tot flinke schade bij zowel de eigenaar als de kalverhouder. “De meeste kalverhouders zijn zich hiervan niet bewust.”
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland
