
Krimp veestapel dwingt vleessector tot sanering
De Nederlandse veestapel krimpt de komende jaren met naar schatting 15 tot 18 procent. Die daling, ingegeven door beëindigings- en afromingsregelingen, raakt de vleessector, stelt ABN Amro in een onderzoeksrapport.
Waar de consument hogere prijzen gaat betalen, dreigen slachterijen en vleesverwerkers vast te lopen in een overcapaciteit die hun verdienmodel onder druk zet.
Vooral slachterijen voelen gevolgen
Vooral slachterijen voelen de gevolgen direct. Deze bedrijven zijn kapitaalintensief ingericht op grote volumes en lage marges. Minder dieren betekent lege slachtlijnen en dat is een nachtmerrie voor ondernemingen die hun vaste kosten met massa moeten terugverdienen. “Sanering van de slachtcapaciteit lijkt onvermijdelijk,” stelt ABN AMRO in de analyse 'Krimp veestapel creërt overcapaciteit bij foodindustrie'.
De pijn is het grootst bij de varkenssector, die in het zuiden van Nederland sterk vertegenwoordigd is. In de afgelopen jaren daalde het aantal geslachte varkens al met 17 procent door een saneringsregeling. De nieuwe reducties komen daar bovenop. Bedrijven verderop in de keten, waaronder vleesverwerkers en vleeshandelaren, hebben meer flexibiliteit. Waar een slachterij afhankelijk is van de boer, kunnen verwerkers makkelijker overstappen naar buitenlandse leveranciers of alternatieve grondstoffen. Voor hen maakt het minder uit of de worst uit rundvlees, varkensvlees of een mix met plantaardige ingrediënten bestaat.
Vlees combineren met plantaardig
Handelaren spelen bovendien al langer in op internationale markten. Zo wordt steeds meer kwaliteitsvlees geïmporteerd uit Zuid-Europa of Zuid-Amerika. Daarmee kunnen ze de klappen van de krimpende Nederlandse veestapel beter opvangen. Volgens de analyse liggen er ook kansen. Bedrijven die investeren in toegevoegde waarde in plaats van volume, vergroten hun overlevingskans. Denk aan premium vleesproducten, concepten met een duurzaamheidslabel of hybride producten waarin vlees wordt gecombineerd met plantaardige eiwitten.
Consumenten lijken daarvoor open te staan: uit onderzoek blijkt dat drie op de tien Nederlanders bereid zijn hybride vlees te proberen. Jongere en hogeropgeleide consumenten tonen daarbij de meeste interesse. Als Nederland minder dieren houdt, kan een deel van de slacht- en verwerkingscapaciteit verschuiven naar landen als Polen of Roemenië, waar arbeid en ruimte goedkoper zijn, stelt de bank. Daarmee dreigt Nederland grip te verliezen op kwaliteitsnormen rond duurzaamheid en dierenwelzijn.
Nieuw evenwicht in kleinere markt
De kernvraag voor de vleessector is of zij de omslag weet te maken van bulk naar beter. Voor slachterijen zonder ruimte om te diversifiëren, is het vooruitzicht somber. Voor verwerkers en handelaren die inspelen op consumententrends en duurzame concepten, kan de krimp juist een kans zijn om hun positie te versterken. De veestapel wordt kleiner, dat staat vast. De vraag is welke bedrijven in de vleessector mee krimpen, en welke erin slagen om sterker uit de transitie te komen.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland