Vijf aandachtspunten voor gezonde start
Een goede start van het kalf na de geboorte is belangrijk. Natuurlijk voor de kalveren die op het melkveebedrijf uit moeten groeien tot koe. Maar ook voor de dieren waar de collega-kalverhouder mee verder gaat. Hoe krijg je hier als boer grip op. Ons Kalf zet de belangrijkste vijf aandachtpunten voor een goede start op een rij.
1- Poeder in plaats van koemelk
Melkpoeder heeft een constante kwaliteit met een vaste vet/eiwitverhouding die precies is afgestemd op de behoefte van het jonge kalf. Vooral de verhouding vet/eiwit is belangrijk. Het voorkomt verteringsproblemen. Bij koemelk (vet 4,6%, eiwit 3,4%) is deze verhouding 1,35. Bij melkpoeder (vet 2,2%, eiwit 3,2%) is dit getal precies de helft kleiner, namelijk 0,68. Naast een grotere kans op verteringsdiarree met wit/grijze mest, starten koemelk gevoerde kalveren later met de opname van krachtvoer. Vanwege het hoge vetaandeel zijn kalveren meer verzadigd waardoor ze minder de neiging hebben om andere voeders te vreten.
Het voeren van koemelk van met antibioticum behandelde koeien, is funest voor kalveren. Juist bij een lage dosering van antibiotica in de melk, kunnen bacteriën eenvoudig weerstand opbouwen tegen dit antibioticum. Wanneer het kalf echt ziek wordt (in de opfok of bij de vleeskalverhouder) werken die antibiotica niet meer goed. Ook de darmflora van een kalf verslechtert na het geven van antibioticamelk. Het duurt weken voordat de darmflora weer op het oude niveau is.
2- Vroeg krachtvoer geven
Melk komt in de lebmaag, ruwvoer in de pens. Wanneer de pens zich gaat ontwikkelen, ontwikkelen de darmen zich ook. 70 procent van de weerstand van een kalf komt uit het maagdarmkanaal. Dat komt door de darmflora. Voldoende ruwvoer vreten is dus goed voor de weerstand. Hoe beter de pens zich ontwikkelt, hoe sneller de darmflora zich opbouwt. Ook waardevolle vitamines worden in het maagdarmkanaal gemaakt, zoals vitamine B.
Het nut van een goede penswerking komt onder andere naar voren bij gulzig drinkende jonge kalveren. Elke veehouder herkent dit. Warme melk gaat normaal via de slokdarmsleuf naar de lebmaag. Maar bij gulzige drinkers kan er melk in de pens terechtkomen. Stel dat dit 100 milliliter is. In de pens gaat deze melk rotten. Verkeerde bacteriën krijgen de overhand met gisting en oplopers tot gevolg. Welk kalf kan het beste deze 100 milliliter melk in de pens bufferen? Een kalf met een goed ontwikkelde pens of een kalf met een slecht ontwikkelde pens? Een week na de geboorte starten met bijvoeren van muesli’s, kalverbrokjes en hooi is daarom zeker aan te bevelen.
3- Vers water essentieel
Het klinkt zo simpel: vers en schoon water. Zo simpel als het lijkt, is het niet. Want een schoon drinksysteem moet ook schoon gehouden worden. Dat vraagt aandacht. Vers drinkwater is vooral belangrijk wanneer het kalf ruwvoer en krachtvoer gaat vreten. Dit bevordert namelijk de opname en vertering. Bij weinig vrij beschikbaar water daalt de ruwvoeropname (denk aan het eten van droge beschuit). Ook is de pensinhoud te droog waardoor de vertering moeilijker op gang komt.
4- 1 kg melkpoeder per dag
Van een goede jeugdgroei heeft een kalf (en dus ook de boer) zijn hele leven plezier. Van jongvee is bekend dat kalveren die in het eerste levensjaar hard hebben gegroeid, later meer melk geven dan hun soortgenoten die met minder genoegen moesten nemen. Om de maximale jeugdgroei te benutten, is een dagelijkse gift van 1 kg melkpoeder aan te bevelen. Bij een dosering van 160 gram melkpoeder per liter, mag een kalf dagelijks 6 á 7 liter melk drinken.
Dit is een groot verschil met enkele decennia geleden toen 4 liter met 120 gram melkpoeder per liter de norm was. Sommige melkveehouders hebben de neiging om de oude norm toe te passen op de kalveren die via de handelaar naar de kalverhouder gaan, maar wat voor jonge vaarsjes geldt, geldt ook voor de stiertjes: een goede start betekent een hoge groei en minder uitval, in dit geval bij de vleeskalverhouder.
Vergeet ook niet dat een kalf efficiënt omgaat met melk. Een kalf dat 1 kg melkpoeder per dag krijgt, groeit de eerste twee weken ongeveer 700 gram per dag. Dat betekent een gewichtstoename van 10 kg. Bij een lage melkpoedergift is de groei slechts 400 gram per dag, dus 5 kg gewichtstoename. Dit kalf brengt dus gemiddeld 20 euro minder op.
5- Huisvesting buiten
Natuurlijk moet huisvesting van het kalf comfort bieden. Dat betekent geen tocht en een droog ligbed. Buiten huisvesting is daarbij beter dan binnen huisvesting. Kalveren komen minder in aanraking met ziektekiemen en de lucht is altijd schoon en fris. Zowel mobiele individuele huisvesting als mobiele groepshokken passen uitstekend bij de huidige melkveehouderij. Met de keuze voor deze oplossingen zijn melkveehouders meteen voorbereid op toekomstige wetgeving waarbij kalveren langer op het melkveebedrijf verblijven. Ze kunnen op regelmatige basis op een andere plaats op het erf gezet worden zodat er daadwerkelijk een knip komt in de overdracht van ziektekiemen. Een ander voordeel van buitenhuisvesting is dat de handelaar niet meer in de stal hoeft te komen, wat de besmettingsdruk voor het ander vee verlaagt.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland



