Van+Essen+schuift+hete+aardappel+naar+provincies
Nieuws

Van Essen schuift hete aardappel naar provincies

Provincies krijgen tot 1 september 2028 de tijd om zelf maatregelen uit te werken voor de zones rond stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Daarmee schuift landbouwminister Jaimi van Essen de invulling van een belangrijk onderdeel van zijn stikstofaanpak voorlopig door naar de provincies.

Dit blijkt uit de aangepaste stikstofplannen die de minister dinsdag 3 november heeft gepresenteerd. Als de provincies er niet in slagen voldoende stikstofreductie te realiseren, worden alsnog strenge landelijke regels ingevoerd. Voor boeren blijft het voorlopig onzeker welke regels uiteindelijk voor hun bedrijf gaan gelden.

Zonering discussiepunt
De nieuwe aanpak is op onderdelen versoepeld ten opzichte van de plannen die het kabinet op 26 juni bekendmaakte. Vooral de zonering rond kwetsbare natuurgebieden vormde de afgelopen weken een belangrijk discussiepunt tussen het kabinet en boerenorganisaties LTO Nederland en het NAJK. Na moeizame gesprekken stelde Van Essen de presentatie van zijn plannen enkele dagen uit.
Provincies mogen de komende twee jaar zelf bepalen welke maatregelen binnen de zones nodig zijn om de stikstofuitstoot voldoende terug te dringen. De provinciale gebiedsplannen moeten uiterlijk 1 september 2028 gereed zijn en een gelijkwaardige bijdrage leveren aan het op gang brengen van de vergunningverlening. Daarbij gaat het niet uitsluitend om stikstofreductie. De maatregelen moeten ook bijdragen aan het tegengaan van verdroging en versnippering van natuur en aan verbetering van de waterkwaliteit.

Maximaal 1,5 GVE per hectare
Voor veehouders binnen de zones kunnen de landelijke maatregelen ingrijpende gevolgen hebben. Het kabinet denkt aan een maximale veebezetting van 1,5 grootvee-eenheid (GVE) per hectare op gebiedsniveau. Daarnaast wordt een totale stikstofgebruiksnorm van maximaal 170 kilo per hectare per jaar voorbereid. Ook akkerbouwers kunnen met aanvullende beperkingen te maken krijgen. Zo wordt gedacht aan een gewasrotatie waarbij minimaal eens per drie jaar een rustgewas wordt geteeld. Verder worden beperkingen voor het gebruik van gewasbeschermingsmiddelen uitgewerkt.

Ruim 9 miljard euro voor zones
Het kabinet trekt ruim 9 miljard euro uit om agrarische ondernemers binnen de zones te ondersteunen. Dit bedrag maakt deel uit van het totale stikstof- en natuurfonds van 20 miljard euro. Er komt onder meer een nieuwe subsidieregeling voor extensivering, de regeling Extensieve Landbouw in Zones. Daarnaast worden financiële middelen beschikbaar gesteld voor bedrijfsverplaatsing en vrijwillige bedrijfsbeëindiging. Ook komt er ondersteuning via zaakbegeleiders die ondernemers kunnen helpen bij het maken van keuzes over de toekomst van hun bedrijf.
Uit onderzoek van Wageningen University & Research blijkt volgens het kabinet dat de voorgestelde omschakeling grote financiële en bedrijfseconomische gevolgen kan hebben voor agrarische ondernemers. Daarom wil het kabinet ook afspraken maken met ketenpartijen over een vergoeding voor prestaties op het gebied van natuur, milieu en water. Als hierover voor 1 april 2027 geen afspraken zijn gemaakt, wil het kabinet vanaf 1 januari 2029 een wettelijke regeling voor dergelijke vergoedingen invoeren.

2,6 GVE of andere borging
Ook de voorgestelde landelijke grondgebondenheidsnorm voor melkveehouders buiten de zones wordt opnieuw bekeken. Het kabinet wil in 2035 uitgaan van maximaal 2,6 GVE per hectare, maar staat open voor een andere invulling die een vergelijkbaar en juridisch geborgd effect heeft. De komende drie maanden wordt hierover gesproken met maatschappelijke organisaties. Uiterlijk 1 februari 2027 moet duidelijk zijn of een alternatief mogelijk is. Als dat niet lukt, blijft de oorspronkelijke norm van 2,6 GVE per hectare het uitgangspunt.
In het huidige voorstel mogen melkveehouders voor hun grondgebondenheid samenwerken met akkerbouwers binnen een straal van 25 kilometer. Daarnaast wil het kabinet ook landbouwgrond over de grens laten meetellen, zoals dat nu al mogelijk is binnen de Meststoffenwet. De eerder aangekondigde verplichtingen voor grasland en rustgewassen op zand- en lössgronden worden bovendien gekoppeld aan doelsturing op waterkwaliteit. De precieze uitwerking hiervan volgt later.

Ondergrens half jaar eerder
Een andere belangrijke wijziging is de versnelde invoering van een rekenkundige ondergrens voor stikstofdepositie. Het kabinet wil deze uiterlijk 1 juli 2027 invoeren, een half jaar eerder dan oorspronkelijk gepland. De ondergrens moet het mogelijk maken activiteiten met een zeer geringe berekende stikstofdepositie gemakkelijker toe te staan. Daarmee wil het kabinet onder meer bijdragen aan een oplossing voor PAS-melders en interimmers die momenteel problemen hebben met hun natuurvergunning.
Aan de invoering zijn wel voorwaarden verbonden. Zo moeten de wettelijke emissiedoelen en het bijbehorende maatregelenpakket definitief zijn vastgesteld. Ook moet de aanpak binnen de zones juridisch zijn vastgelegd en moeten aanvullende beheersmaatregelen voorkomen dat de stikstofdepositie regionaal ongewenst toeneemt.

Agenda

    Er zijn momenteel geen evenementen gepland

Meer agenda

De Stoppersregeling

Alle antwoorden op veel gestelde vragen

Klik hier

Stelling

Loading

Weer

  • Woensdag
    9° / 4°
    5 %
  • Donderdag
    8° / 2°
    0 %
  • Vrijdag
    8° / 2°
    0 %
Meer weer