Kruislingkalveren hebben minder last van diarree dan holsteins
Kruislingkalveren uit de melkveesector lijken minder gezondheidsproblemen te hebben dan raszuivere holsteinkalveren. Vooral diarree komt minder vaak voor en vraagt minder herhaalbehandelingen. Dat blijkt uit nieuw onderzoek van de Canadese University of Guelph.
De resultaten versterken het beeld dat zogenoemde 'beef-on-dairy' kalveren niet alleen economisch aantrekkelijk zijn vanwege hun hogere vleeswaarde, maar ook voordelen bieden tijdens de opfokperiode. Onderzoekster Melinda Kovacs volgde gedurende anderhalf jaar ongeveer 640 kalveren op één opfoklocatie. Daarbij werden 446 holsteinkalveren en 194 kruislingkalveren intensief gemonitord op gezondheid, groei en voeropname.
Minder gezondheidsproblemen
Uit de studie blijkt dat kruislingkalveren duidelijk minder last hebben van diarree. Ze hebben minder dagen met gezondheidsproblemen en hadden ook minder vaak meerdere behandelingen nodig. Diarree behoort tot de grootste kostenposten in de kalveropfok. Naast behandelkosten leidt de aandoening vaak tot groeivertraging, extra arbeid en gezondheidsproblemen op langere termijn. Minder gevallen van diarree kunnen daardoor direct bijdragen aan betere technische en financiële resultaten.
Minder herhaalbehandelingen
Ook bij luchtwegaandoeningen zagen de onderzoekers verschillen tussen beide groepen. Hoewel het aantal luchtwegproblemen vergelijkbaar was, hadden holsteinkalveren vaker meerdere behandelingen nodig. Dat kan volgens de onderzoekers belangrijk worden nu de sector steeds sterker inzet op vermindering van antibioticagebruik. Kalveren die sneller herstellen van ziekten kunnen bijdragen aan een lager medicijngebruik zonder dat dit ten koste gaat van diergezondheid.
Effect van heterosis
De studie geeft nog geen definitieve verklaring voor de verschillen, maar genetica lijkt een belangrijke rol te spelen. Volgens de onderzoekers kan sprake zijn van zogenoemde heterosis: het verschijnsel waarbij kruisingen sterker en vitaler zijn dan raszuivere dieren. Daarnaast speelt mogelijk mee dat in de melkveehouderij jarenlang sterk is geselecteerd op melkproductie, terwijl vleesveefokkerij juist gericht is op groei en spierontwikkeling. Kruislingkalveren profiteren mogelijk van die combinatie van eigenschappen.
Zwaardere karkassen
Niet alleen de gezondheid, maar ook de groeiresultaten van de kruislingkalveren waren beter. Tijdens de opfok groeiden de dieren sneller en waren ze aan het einde van de opfokperiode gemiddeld bijna zeven kilo zwaarder dan de holsteinkalveren. Een deel van de dieren werd vervolgens gevolgd tot aan de slachtleeftijd van ongeveer dertien maanden. Ook daar bleven de verschillen zichtbaar. De kruislingdieren waren uiteindelijk ruim 50 kilo zwaarder dan de holsteins. Daarnaast zagen de onderzoekers verschillen in karkaskwaliteit en spierontwikkeling, waaronder een grotere ribeye-oppervlakte. Dat wijst erop dat de voordelen van de kruisingen niet beperkt blijven tot de vroege levensfase.
Meer kennis nodig
Volgens de onderzoekers is meer onderzoek nodig naar de specifieke behoeften van beef-on-dairy kalveren. Veel bestaande kennis over kalveropfok is gebaseerd op raszuivere holsteins, waardoor nog onduidelijk is of kruislingkalveren dezelfde voedings- en managementbehoeften hebben. Wel benadrukken de onderzoekers dat de betere prestaties niet betekenen dat kruislingkalveren minder aandacht nodig hebben. Goede verzorging, voeding en huisvesting blijven bepalend voor gezonde en goed presterende dieren.
Extra ketenrendement
De belangstelling voor beef-on-dairy programma’s groeit internationaal snel onder andere vanwege de inzet van gesekst sperma. Het kan daardoor bijdragen aan extra rendement binnen de melkvee- en vleesketen.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland