Economische impact stikstofbeleid op regio moet nog komen
De economische gevolgen van het Nederlandse stikstof- en natuurbeleid zijn tot nu toe relatief beperkt, maar kunnen de komende jaren vooral regionaal sterker voelbaar worden. Dat blijkt uit een analyse van het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL), Wageningen University & Research en het RIVM.
Volgens het rapport zijn de effecten op de Nederlandse economie voorlopig beperkt gebleven. De maatregelen die nu worden uitgevoerd – zoals de aanpak van piekbelasters – bestaan grotendeels uit vrijwillige regelingen. Dat kan de komende jaren veranderen. Naarmate meer veehouderijen deelnemen aan beëindigingsregelingen en hun bedrijf stoppen, zal de veestapel verder afnemen. Veel van deze regelingen lopen tot 2026, waardoor de economische gevolgen in die periode duidelijker zichtbaar kunnen worden.
Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant en Limburg
Vooral in regio’s met een grote concentratie veehouderijen, zoals delen van Gelderland, Overijssel, Noord-Brabant en Limburg, kan dat leiden tot minder werkgelegenheid. Ook bedrijven die afhankelijk zijn van de veehouderij – zoals veevoerleveranciers, slachterijen en transportbedrijven – kunnen een deel van hun omzet verliezen. Een deel van die economische terugval kan volgens de onderzoekers worden opgevangen door innovatie, een verschuiving naar duurzamere productiemethoden of veranderingen in handelsstromen.
Onzekerheid leidt tot maatschappelijke onrust
Hoewel de directe economische gevolgen beperkt zijn, heeft het stikstofbeleid volgens de onderzoekers wel geleid tot maatschappelijke onrust. Boeren maken zich zorgen over het toekomstperspectief van hun bedrijven en voelen zich volgens het rapport onvoldoende gewaardeerd. Tegelijkertijd vinden natuurbeschermers dat de overheid te weinig doet om natuurherstel te realiseren. De voortdurende politieke discussies en wijzigingen in beleid vergroten volgens de studie de onzekerheid. De spanningen raken daarmee ook bredere kwesties, zoals het vertrouwen in de overheid, de toekomst van het platteland en de verdeling van kosten en baten van het beleid.
Vergunningverlening complexer geworden
Sinds de uitspraak van de Raad van State in 2019 is het bovendien aanzienlijk lastiger geworden om natuurvergunningen te krijgen voor projecten die stikstofuitstoot veroorzaken, zoals uitbreidingen van landbouwbedrijven, infrastructuur of woningbouw. Projecten mogen alleen doorgaan als kan worden aangetoond dat de stikstofdepositie niet leidt tot verslechtering van beschermde natuur. Vaak gebeurt dat via salderen, waarbij extra uitstoot wordt gecompenseerd door een reductie elders. Daarnaast moet worden aangetoond dat natuurbehoud daadwerkelijk wordt gewaarborgd. Vooral dit laatste punt blijkt in de praktijk moeilijk. Sommige provincies legden daardoor de vergunningverlening tijdelijk vrijwel stil.
Woningbouw niet volledig stilgevallen, stallenbouw wel
Toch blijkt uit het rapport dat Nederland niet volledig “op slot” zit. Het aantal verleende vergunningen voor woningbouw laat sinds 2019 geen duidelijke trendbreuk zien. Als een bouwvergunning wordt aangevraagd, bestaat doorgaans ook uitzicht op een natuurvergunning. Voor agrarische bouwprojecten en infrastructuur is de impact duidelijker: het aantal projecten dat doorgang vindt is gedaald en procedures duren langer. Volgens het Interprovinciaal Overleg lopen vooral projecten in de buurt van Natura 2000-gebieden vertraging op. Naar schatting gaat het om ongeveer de helft van alle bouwprojecten.
Vergunningverlening complex juridisch proces
De vergunningverlening is de afgelopen jaren steeds ingewikkelder geworden. Een recente uitspraak van de Raad van State eind 2024 maakte bovendien dat zogenoemd intern salderen opnieuw vergunningplichtig werd. Daardoor moet bij veel projecten uitgebreider worden aangetoond dat natuurdoelen niet in gevaar komen. Dat maakt het voor bedrijven moeilijker om projecten te realiseren of hun activiteiten te verduurzamen. Zo kunnen boeren soms geen vergunning krijgen om hun bedrijf te moderniseren, zelfs wanneer dat uiteindelijk tot minder uitstoot zou leiden. Volgens de onderzoekers onderstreept de situatie de noodzaak van stabieler stikstof- en natuurbeleid en een juridisch houdbare en voorspelbare aanpak.
Lees ook
Meest gelezen
Agenda
-
Er zijn momenteel geen evenementen gepland

